De geur van Chinees eten-van-om-de-hoek doet me denken aan mijn kleine tante. Mijn kleine tante was al kleiner dan ik vanaf dat ik een jaar of twaalf was. Zij zorgde voor mijn oma, tot mijn oma stierf. Mijn kleine tante had tot die tijd geen leven voor zichzelf, en daarna was ze alleen.
Ik ging vaak uit logeren bij mijn oma en mijn kleine tante. Ik denk dat elk kind dat twee oma’s heeft, deze ook verdeeld in een lieve-oma en een minder-lieve-oma. De moeder van mijn kleine tante was mijn lieve-oma. Zij was erg verdrietig en ziek nadat mijn moeder, haar jongste dochter, overleed. Mijn lieve-oma stierf misschien wel van verdriet.
Ook na de dood van oma logeerde ik geregeld bij mijn kleine tante. Gewoon ook om weg te zijn van huis. Als ik erheen ging met de bus, verheugde ik me op de twintig minuutjes dat ik muziek kon luisteren op m’n walkman. Misschien was dat wel de belangrijkste reden dat ik naar mijn kleine tante ging. Om de muziek in m’n oren even helemaal voor mezelf te hebben.
We gingen naar de stad, en naar de film. Dan eten bij de Mac of beter nog, bij de KFC, dat was echt een uitje toen. Mijn kleine tante praatte veel. Sommige mensen noemden dit zeuren. Ik vond het niet erg, want ik had de gelegenheid om weg te dromen. Bovendien kon ik ook terug praten tegen mijn tante; ik had het graag over de muziek die ik mooi vond en de jongens waarop ik verliefd was, en ze luisterde zonder te oordelen en met een glimlach en een nerveuzige maar liefdevolle knik van haar hoofd.
Wanneer mijn kleine tante jarig was, gingen we met het hele gezin op bezoek, met de auto. Op de tafel in de huiskamer stonden kommetjes met Japanse rijstcrackers en nootjes. We aten Chinees van om de hoek. De bakjes met eten stonden uitgestald op het aanrecht en ons gezelschap verdeelde zich over keukentafel en huiskamer-met-bord-op-schoot. Ik kan me niet meer herinneren wat mijn kleine tante voor cadeautjes van ons kreeg.
Toen ik ouder werd, werden mijn bezoekjes minder. Ik liep stage, had het druk op school en vooral met mezelf, kreeg een vriendje en ging uit huis. Ik had feestjes, liep weer stage, ging werken, daarna studeren, had nog meer feestjes en een boel innerlijke woelingen die me niet altijd toestonden om eventjes op de tram te springen en naar mijn kleine tante te reizen of om zelfs maar de telefoon te pakken en tien minuutjes met haar te babbelen.
Op een dag maakte mijn kleine tante een val in de supermarkt en brak haar heup. Altijd al kwetsbaar en nerveus van aard geweest, maar toch zelfstandig en sterk in haar eenzaamheid, knakte dit ongeluk haar. Nadat ze uit het ziekenhuis kwam, had ze hulp nodig. Ik maakte af en toe haar huis schoon, deed wat boodschapjes. Daarvoor betaalde ze mij. Ik wilde het niet, zij stond erop. Ik voelde me schuldig, maar ik was arm en kon het geld goed gebruiken. Mijn kleine tante liep met krukken door het huis en instrueerde mij terwijl ik de luxaflex poetste en de bovenkanten van haar kasten afsopte.
Mijn kleine tante kreeg een hersenbloeding. Mijn kleine tante werd hulpeloos. Lopen ging niet meer, praten nauwelijks. Ze verhuisde naar een verpleegtehuis. Haar eigen woning raakte ze kwijt. In het verpleegtehuis zat ze in een rolstoel op de zaal, alleen. Ik ging niet vaak bij haar langs. Als ik er wel was, moest ze huilen.
Rond 2000 is mijn kleine tante gestorven. Ik had haar toen al zeker een half jaar niet meer gezien.
Natuurlijk moet ik nog vaak aan mijn kleine tante denken. Ik kan haar stem nog horen in mijn hoofd, haar lachjes door de telefoon. Ik denk aan hoe klein en breekbaar ze eruit zag in haar rolstoel. Dat ik haar vaker had moeten bezoeken, en dat dat nu nooit meer kan.
5.11.10
10.9.10
De Grote Slachting 1914 - 1919
De Grote Slachting 1914 – 1919 is het nieuwste stripboek van Tardi. Het speelt zich af tijdens WOI en wordt verteld door de ogen van een soldaat aan het front. Gewoon een jongen die voor de oorlog begon als metaaldraaier werkte, die net als miljoenen anderen door de grote wereldleiders als een poppetje naar het front werd geschoven om op andere jongens die in hetzelfde schuitje zaten als hij te schieten.
Het boek bestaat uit twee delen. Eerst de strip van Tardi – zijn opa vocht aan het front, en zijn oma vertelde de kleine Tardi over de gruwelen die haar man daar meemaakte. Daarna een stuk met veel tekst en foto’s over het ontstaan en verloop van de oorlog, geschreven door historicus Jean-Pierre Verney. In dit gedeelte ben ik nu en er staat een foto in die me niet loslaat. Het is een portretfoto van een soldaat wiens gezicht volledig aan flarden is geschoten. Hij ligt op bed, door zijn halfgesloten ogen kijkt hij je aan. Alles vanaf zijn neus is totaal verwoest en hangt in flarden, in lappen vlees naar beneden. Het midden van zijn gezicht is een donkere put. Hij ademt nog, hij leeft nog en ik vraag me af of hij kan ruiken en of en hoe de artsen erin zijn geslaagd zijn gezicht weer aan elkaar te plakken.
Dat één iemand dit overkomt, is afschuwelijk en onvergeeflijk. De Eerste Wereldoorlog kostte aan 10 miljoen mensen het leven en zorgde voor 29 miljoen gewonden en invaliden.
“Die oorlog bleef maar duren. En daarna zouden er weer nieuwe komen. “De allerlaatste”, laat me niet lachen! Zo ging het al sinds de oertijd. Van de oorlog om het vuur tot de oorlog om olie of bananen, en altijd hetzelfde liedje: het geluid van versplinterende botten. Waarom zou dat ooit ophouden?”
Het boek bestaat uit twee delen. Eerst de strip van Tardi – zijn opa vocht aan het front, en zijn oma vertelde de kleine Tardi over de gruwelen die haar man daar meemaakte. Daarna een stuk met veel tekst en foto’s over het ontstaan en verloop van de oorlog, geschreven door historicus Jean-Pierre Verney. In dit gedeelte ben ik nu en er staat een foto in die me niet loslaat. Het is een portretfoto van een soldaat wiens gezicht volledig aan flarden is geschoten. Hij ligt op bed, door zijn halfgesloten ogen kijkt hij je aan. Alles vanaf zijn neus is totaal verwoest en hangt in flarden, in lappen vlees naar beneden. Het midden van zijn gezicht is een donkere put. Hij ademt nog, hij leeft nog en ik vraag me af of hij kan ruiken en of en hoe de artsen erin zijn geslaagd zijn gezicht weer aan elkaar te plakken.
Dat één iemand dit overkomt, is afschuwelijk en onvergeeflijk. De Eerste Wereldoorlog kostte aan 10 miljoen mensen het leven en zorgde voor 29 miljoen gewonden en invaliden.
“Die oorlog bleef maar duren. En daarna zouden er weer nieuwe komen. “De allerlaatste”, laat me niet lachen! Zo ging het al sinds de oertijd. Van de oorlog om het vuur tot de oorlog om olie of bananen, en altijd hetzelfde liedje: het geluid van versplinterende botten. Waarom zou dat ooit ophouden?”
Labels:
human behavior,
schrijvers,
strips
9.8.10
It glows in the dark
Dangermouse and Sparklehorse - Revenge (ft. Flaming Lips)
Pain
I guess it's a matter of sensation
But somehow you have a way of avoiding it all
In my mind
I have shot you and stabbed you through your heart
I just didn't understand
The ricochet is the second part
'Cause you can't hide what you intend
It glows in the dark
Once you've sought
The path of revenge
There's no way to stop
And the more I try to hurt you
The more it hurts me
Strange
It seems like a character mutation
Though I have all the means of bringing you fuckers down
I can't make myself
To destroy upon command
Somehow forgiveness lets the evil make the laws
No you can't hide what you intend
It glows in the dark
Once we've become the thing we dread
There's no way to stop
And the more I try to hurt you
The more it backfires
Pain
I guess it's a matter of sensation
But somehow you have a way of avoiding it all
In my mind
I have shot you and stabbed you through your heart
I just didn't understand
The ricochet is the second part
'Cause you can't hide what you intend
It glows in the dark
Once you've sought
The path of revenge
There's no way to stop
And the more I try to hurt you
The more it hurts me
Strange
It seems like a character mutation
Though I have all the means of bringing you fuckers down
I can't make myself
To destroy upon command
Somehow forgiveness lets the evil make the laws
No you can't hide what you intend
It glows in the dark
Once we've become the thing we dread
There's no way to stop
And the more I try to hurt you
The more it backfires
Labels:
muziek,
pulling my heart strings
4.8.10
16.7.10
C'mon, little life-giver. Give your life.
Omdat het fucking awesome is – een organische vervlechting van stem, muziek, woorden en gevoel.
*klik* Easy
*klik* Easy
9.7.10
Zomerreces
Zinderende zomerhitte zet zich zompig
langs lome lijnen
van vage vadsigheid
Beweging bar
traag tegenwoordig
Zomerreces zolang
zinderende zomerhitte zompig zet zich
langs lome lijnen
van vage vadsigheid
Beweging bar
traag tegenwoordig
Zomerreces zolang
zinderende zomerhitte zompig zet zich
7.5.10
Polsjes
Polsjes als bamboestokjes
Kijk er schevig naar - huu
Ik eet bananen, en ijs, en rijst met rendang en sajur lodeh
Maar op die polsjes geeft het niet af
Ik trek m’n mouw omhoog en zie
Een constellatie van bruine vlekjes, sommige plat andere niet
Dat vind ik wel leuk, dat ik zo’n constellatie heb
Of af en toe een eenzame moedervlek
Mei 2010
Kijk er schevig naar - huu
Ik eet bananen, en ijs, en rijst met rendang en sajur lodeh
Maar op die polsjes geeft het niet af
Ik trek m’n mouw omhoog en zie
Een constellatie van bruine vlekjes, sommige plat andere niet
Dat vind ik wel leuk, dat ik zo’n constellatie heb
Of af en toe een eenzame moedervlek
Mei 2010
Abonneren op:
Posts (Atom)

