7.8.11

In de duinen

   Dat ben ik. Op het shirtje van mijn vriendinnetje, ter hoogte van haar onderste rib, zit een grijze spin. Die spin, dat ben ik. Net als elk grassprietje, elk klontje aarde, elk boomblad, elke boom, elke mier en oorwurm en elk ander wriemelbeest. Als ik mijn hand uitsteek om de lucht te pakken, raak ik mezelf aan.

   Mijn vriendinnetje ligt op haar rug en mijn vriendje boven op haar. Mijn sjaal is paars, zijn trui rood, en het gras groen. “Dat is toch absurd, al die kleuren! En wat zullen mensen die voorbij lopen zeggen als ze ons zo zien liggen? Is het niet eigenlijk absurd, dat wij zo liggen?” roept mijn vriendinnetje uit. Ik zeg: “Het is absurd dat niet meer mensen zo liggen als wij.”

   De wolken zijn ruggegraten die draaien in de hemel. Onze wereld is een vissenkom en wij zijn lieve hippies in een snoepkleurtjesachtige retro film. Als ik door de duinen loop, voel ik de mensen die daar eerder liepen, gisteren of lang, lang geleden. Ik zie wat zij zagen, ik kijk door hun ogen, ik voel hun herinneringen en maak nieuwe herinneringen voor de mensen na mij. Ik ga zitten op een duinrug en ben een squaw die op haar stam wacht. Het geroffel van paardenhoeven voel ik in mijn hart.

   En de hele tijd speelt dit liedje van Clannad door mijn hoofd, vanaf dagen ervoor tot dagen erna:  
And she stooped so low gave me to know / It was mushrooms she was gathering oh / Oh gathering oh / And she stooped so low gave me to know / It was mushrooms she was gathering oh!

 Foto door de auteur, Bakkum, juli 2011

Geen opmerkingen:

Een reactie posten