29.12.11

Terugblik op 2011 in films / boeken en muziek: Zo. Klaar!

Dit zegt mijn Facebook:
Blup. Weet je wat, ik doe dit jaar lekker géén eindejaarsoverzicht films/muziek/boeken op blog. De mooiste films vond ik Black Swan, Rundskop en The Fighter. De film Drei van Tykwer vond ik een enorme verademing. Mia Wasikowska is wat mij betreft actrice van het laatste half jaar. Deep End een opgediept pareltje. Enzovoorts. En het mooiste boek vond ik die enorme handdikke pil over de Russische Revolutie van Orlando Figes. Zo. Klaar!

7.12.11

Poëzie in een doos gevonden

CANNES

In een woestijn van zon, dicht langs de zee
staan de platanen in een brede allee;
dorstige herten, plotseling betoverd
en in hun ren naar 't water star gebleven,
het groene lichaam wit gevlekt, hoornen geloverd,
het wit gewei breed opgeheven.

Langslopend, te gezond, te naakt
en door een lichte wijn in een soort droom bewegend,
besef ik plotseling de enig werkelijke zonde:
dat ik door het verwonderlijkste nauw geraakt,
zonder besef door het bestaan gezegend
en door de schadelijkste dingen nauw geschonden,
ver van de werkelijkheid ben weggeraakt.


M. Vasalis, 1947

7.8.11

In het Joods Historisch Museum: Marianne en dada en surrealisme

 Selbstporträt, Berlin 1933

Ruth von Morgen, Berlin 1934

  Auteuil 1929

Annemarie Schwarzenbach, Berlin 1932

Foto expositie van Marianne Breslauer (1909 - 2001) - Onbewaakte momenten, te zien t/m 13 november 2011


Arthur Segal, Woman Reading, 1920

 M.H. Maxy, Nude with Idol, 1924

 Victor Brauner, Group of Men, 1922

 Victor Brauner, To my beloved Sașa Pană, 1930
   
Van dada tot surrealisme - Joodse avant-garde kunstenaars uit Roemenië, te zien t/m 2 oktober 2011.

In de duinen

   Dat ben ik. Op het shirtje van mijn vriendinnetje, ter hoogte van haar onderste rib, zit een grijze spin. Die spin, dat ben ik. Net als elk grassprietje, elk klontje aarde, elk boomblad, elke boom, elke mier en oorwurm en elk ander wriemelbeest. Als ik mijn hand uitsteek om de lucht te pakken, raak ik mezelf aan.

   Mijn vriendinnetje ligt op haar rug en mijn vriendje boven op haar. Mijn sjaal is paars, zijn trui rood, en het gras groen. “Dat is toch absurd, al die kleuren! En wat zullen mensen die voorbij lopen zeggen als ze ons zo zien liggen? Is het niet eigenlijk absurd, dat wij zo liggen?” roept mijn vriendinnetje uit. Ik zeg: “Het is absurd dat niet meer mensen zo liggen als wij.”

   De wolken zijn ruggegraten die draaien in de hemel. Onze wereld is een vissenkom en wij zijn lieve hippies in een snoepkleurtjesachtige retro film. Als ik door de duinen loop, voel ik de mensen die daar eerder liepen, gisteren of lang, lang geleden. Ik zie wat zij zagen, ik kijk door hun ogen, ik voel hun herinneringen en maak nieuwe herinneringen voor de mensen na mij. Ik ga zitten op een duinrug en ben een squaw die op haar stam wacht. Het geroffel van paardenhoeven voel ik in mijn hart.

   En de hele tijd speelt dit liedje van Clannad door mijn hoofd, vanaf dagen ervoor tot dagen erna:  
And she stooped so low gave me to know / It was mushrooms she was gathering oh / Oh gathering oh / And she stooped so low gave me to know / It was mushrooms she was gathering oh!

 Foto door de auteur, Bakkum, juli 2011

31.12.10

Terugblik op 2010 in boeken, films en muziek

Een liefde voor lijstjes
Ik ben gek op het maken van lijstjes. Lijstjes maken geeft me het gevoel dat ik controle over mijn leven heb.
Ik maak overal lijstjes voor: voor boodschappen; dingen die ik nodig heb zoals een trui, een pen of een nieuwe braadpan; dingen die mee moeten naar een weekendje weg of een festival; dingen die ik moet kopen voor een weekendje weg of een festival. Ook maak ik altijd ver van te voren lijstjes met mensen die ik uit wil nodigen voor verjaardagsfeest, Kerst-of Paasdiner. Als ik een situatie bedenk waarvoor ik een nieuw lijstje kan maken, verheug ik me op het maken van het lijstje. Lig ik al in bed wanneer ik deze nieuwe lijstjessituatie bedenk, dan gaat het licht weer aan, stap ik uit bed, pak mijn notitieboekje dat aan de andere kant van het huis ligt en ga niet eerder voldaan slapen dan wanneer mijn lijstje compleet is.

Opsommingen van namen, gebruiksartikelen, films, hebbedingen, gelezen boeken en ingrediënten: ik heb mijn leven in de hand, ik leef gestructureerd en het universum is geordend. Zonder boodschappenlijst raak ik lost in de Dirk of Biomarkt en heerst verwarring, onzekerheid en het geheid thuiskomen zonder dat essentiële pak melk of stuk ontbijtkoek.

Gelezen en gezien 2010
Een paar jaar geleden ben ik begonnen bij te houden welke boeken ik lees en welke films ik kijk. Dit om te voorkomen dat ik vergeet wat ik lees en wat ik zie en om op te kunnen dreunen aan vrienden of collega’s wanneer ze toevallig vragen of ik nog iets leuks of moois gezien of gelezen heb.

Nieuwsgierig? http://freshlysqueezedstories.blogspot.com/p/gelezen-2010.html & http://freshlysqueezedstories.blogspot.com/p/gezien-2010.html

De beste boeken vond ik (op chronologische volgorde):
Something to tell you – Hanif Kureishi. Dit prachtig geschreven boek van de schrijver van Buddha of Suburbia is een beetje te ver weggezakt in m’n geheugen om er nu echt iets kernachtigs over te kunnen zeggen. Zie daarom een stukje dat ik er eerder over schreef op http://freshlysqueezedstories.blogspot.com/2010/03/hanif.html.
Een Groene Bloem trilogie (Schijnbewegingen / Tegenspel / Spiegeljongen) – Floortje Zwigtman. De schrijfster neemt geen blad voor de mond en spaart haar jeugdige doelgroep niet qua expliciete homosex in deze heerlijke Victoriaanse trilogie over een jongeman die rondcirkelt in de kringen van Oscar Wilde en Bosie. In een boekwinkel hier vlakbij heb ik eens een medeklant overgehaald om het eerste deel te kopen voor haar jarige neefje, ondanks tegengestribbel van de boekverkoopster (“Ja, dit boek is wel een jeugdboek, maar het is NIET geschikt voor jongeren wegens EXPLICIETE SEX!”).
Zie ook http://freshlysqueezedstories.blogspot.com/2010/04/oh-oscar.html en http://freshlysqueezedstories.blogspot.com/2010/04/poezieplaatjesblauwe-ogen.html)
Dorsvloer vol confetti – Franka Treur. Droomdebuut van Zeeuwse schrijfster over gereformeerd boerengezin in de jaren negentig van de vorige eeuw. Zeer zintuigelijk.
The Wind-up Bird Chronicle – Haruki Murakami. Een man probeert te doorgronden waarom zijn vrouw bij hem is weggelopen en wordt in zijn zoektocht bijgestaan door een bonte stoet van personages met elk hun eigen verhaal. Prachtige vervlechting van deze en andere werelden, heden en verleden. Mindblowing to the max.
The Thousand Autumns of Jacob de Zoet – David Mitchell. Ontroerend, leerzaam en superentertainend boek over een Nederlandse VOC-klerk die verliefd wordt op een Japanse dame. Romantiek en intriges spatten van de pagina’s, maar bovenal is het een minutieuze studie naar Japanse gebruiken en rituelen en de Hollandse handelsgeest.
De Grote Slachting – Tardi. Een nieuw album van Tardi over één van zijn vertrouwde onderwerpen: de Eerste Wereldoorlog. Schokkend, genadeloos en hartverscheurend.
Dieren eten – Jonathan Safran Foer. Vanuit historisch, filosofisch en ethisch oogpunt wordt de (Amerikaanse) bio-industrie beschreven en bewezen hoe ontzettend slecht voor mens, dier en milieu de intensieve veehouderij is. Poepoverschotten, toegevoegde medicijnen in veevoer, oerbossen die verdwijnen voor de kweek van sojabonen die we in onze vleesvarkens stoppen, ziekten, overbevissing – het is niet mals en natuurlijk ook niets nieuws. Dit weten we allang en toch slagen we erin om het lekker in stand te houden. JSF heeft zijn huiswerk goed gedaan en houdt een dappere en genadeloze pleidooi tegen de vleesconsumptie. Om de achterkant van het boek losjes te citeren: “knappe jongen die na het lezen van dit boek nog een hap vlees door z’n keel krijgt.” Of vis, in mijn geval.

Verder wil ik graag even aanstippen dat ik vol bewondering ben voor de meesterlijkheid van Hermans, Haasse en McEwan en dat Couperus altijd op een vreselijk mooie manier blijk geeft van humanitair inzicht.

De beste films / series vond ik (op chronologische volgorde):
Watchmen – Zack Snyder. Binnen het huidige superheldengenre had ik niet verwacht dat dit zo’n fijngevoelig, maatschappijkritisch en diepzinnig juweeltje zou zijn. Ook heb ik mijn liefde voor Simon & Garfunkel aan deze film te danken.
Casablanca – Michael Curtiz. Filmmagie. Ingrid Bergman is schitterend en haar ogen glanzen. Verrassend progressief verhaal ook. Een must-see voor elke filmliefhebber, dat spreekt voor zich.
Höstsonaten – Ingmar Bergman. De camera van Sven Nykvist zit genadeloos dicht op de huid van Ingrid Bergman en Liv Ullman, in de rol van respectievelijk moeder en verwaarloosde dochter. Benauwend, confronterend en heel, heel erg goed.
Brideshead Revisited – Charles Sturridge / Michael Lindsey-Hogg. ÜberBrits drama dat zich afspeelt tussen de jaren twintig en veertig van de vorige eeuw. Met een piepjonge Jeremy Irons als Oxfordian die een intieme vriendschap opbouwt met de rijke Sebastian en verwikkeld raakt in diens ingewikkelde familiebanden. Als een trage tank in een zomers heuvellandschap rolt de serie naar een onafwendbaar noodlot. Britse dramatiek ten top!
Fanny och Alexander – Ingmar Bergman. Twee kinderen uit een warme, kleurrijke en progressieve theaterfamilie verliezen hun vader en moeten wennen aan de nieuwe man, een strenge bisschop, van hun moeder. Als je besluit dat je volgend jaar maar één film wil zien, zorg er dan voor dat dat deze is.
Barry Lyndon – Stanley Kubrick. Perfectie tot op de micrometer.
Mies vailla menneisyyttä - Aki Kaurismäki. Warm, droog, ontroerend, grappig en humaan in een ijsblauw Fins landschap. Een man krijgt een klap op z’n hoofd en verliest z’n geheugen. Hij wordt opgevangen door een stel dropouts en een stoicijnse Leger des Heilssoldate wordt verliefd op hem. Dan roept zijn verleden hem weer terug ..
Another Year – Mike Leigh. Een jaar uit het leven van een gelukkig getrouwd ouder echtpaar, dat omringd wordt door familie en vrienden die het beduidend minder goed getroffen hebben. Hilarisch en hartverscheurend tegelijk.
Dr. Strangelove or: How I Learned To Stop Worrying And Love The Bomb – Stanley Kubrick. Een stel Amerikaanse legervliegtuigjes gewapend met atoombommen is op zelfstandig initiatief van een verbitterde en verbeten anti-communistische generaal op missie naar de Sovjet Unie gestuurd om de boel preventief plat te bombarderen. Aan de president van Amerika en zijn al dan niet betrouwbare vriendjes de schone taak dit op te lossen. Met 3 briljante rollen van Peter Sellers. En alle andere rollen zijn ook briljant.
Breakfast on Pluto – Neil Jordan. Cillian Murphy speelt vondeling en travestiet Kitten, pendelend tussen een Iers stadje en het glammy Londen van de jaren zeventig van de vorige eeuw. Tussendoor komt regelmatig De Ierse Kwestie keihard om de hoek kijken. Murphy spettert, bruist, broeit en glanst. Wat een beauty.
Det Sjunde Inseglet – Ingmar Bergman. In een door de pest geteisterd Zweden komt De Dood een soldaat halen, die hem vervolgens uitdaagt voor een potje schaak. Existentiële poëzie.
Moon – Duncan Jones. De zoon van Ziggy Stardust maakte een ode aan 2001: A Space Odyssey. Een ode die volledig op zichzelf kan staan en je stevig aan het denken zet over de waarde van één èn vele levens.
Ziggy Stardust and the Spiders from Mars – D.A. Pennebaker. De laatste show van Ziggy and the Spiders, gefilmd op 3 juli 1973 in Hammersmith, Londen. Bowie is adembenemend mooi en tengertjes in zijn tig verschillende speelpakjes. Ronson steelt de show. Eén lange trip van extase.

Verder was ik erg onder de indruk van A Single Man, The Wind That Shakes the Barley, El Secreto De Sus Ojos, Io Sono l’Amore, En Ganske Snill Mann, Submarino, Loong Boonmee Raleuk Chat, Des Hommes et des Dieux en Winter’s Bone. En was ik verheugd te merken dat kwaliteitsseries zoals Rome, Absolutely Fabulous en Pride and Prejudice (dit jaar twee keer bekeken!) ook na drie, vier, vijf of zes keer kijken nog steeds niet vervelen.

Meest bizarre filmervaring: Enter the Void. Ik voelde me erna echt onwel en nee, dit kwam niet door die ene eh … “indringende scene” ergens aan het eind, maar puur door de cameravoering. Laat je hierdoor echter vooral niet weerhouden om ‘m zelf te ondergaan!

Muziekjaar 2010
Dit jaar was voor mij het jaar van Joanna Newsom, Simon & Garfunkel en Danger Mouse & Sparklehorse. Gouwe ouwes als Wire en Sigur Rós werden afgestoft en geherwaardeerd. Grote Liefdes Massive Attack en David Bowie bewezen Grote Liefdes te blijven. Ook mooie dames met mooie stem en een gitaar vond ik in het staartje van dit jaar prettig om naar te luisteren: Alela Diane en Mariee Sioux.

In de top 2 van de laatste 12 maanden staan volgens Last.fm:
’81 – Joanna Newsom. Misschien niet de meest verrassende track van het experimentele en avontuurlijke nieuwe album Have One On Me maar wel puur in al z’n eenvoud.
America – Simon & Garfunkel. Ondanks dat de titel onmiddelijk instinctieve kriebels bij mij oproept, is dit toch een fraaie nummer 2. Ik vind het dan ook een heel mooi nummer met droomtekst en dito samenzang. Dit jaar heb ik S & G echt ontdekt. Vreselijk mooie hippieliedjes met pittigere teksten dan je op het eerste gehoor zou denken. En dan die prachtige samenzang .. !

Ik koop nog maar zelden nieuwe albums. Dit jaar heb ik er één gekocht: Have One On Me van Joanna Newsom. Het album bestaat uit 3 CD’s en beslaat ruim 2 uur. Van Joanna kun je blijkbaar alles verwachten. Van pure harpliedjes (debuutalbum The Milk-Eyed Mender) fietst ze via een orkestraal epos (Ys) naar een speelse, experimentele, avontuurlijke en soms zelfs swingende (!) trilogie. Het concert dat ze op 30 mei jl. gaf in de Melkweg was wonderbaarlijk magisch goed. Maak een klein stukje ervan mee op http://www.youtube.com/watch?v=a5CPQpEKvHg.

Een ander album dat dit jaar uitkwam is Dark Night of the Soul van Danger Mouse & Sparklehorse, met de zegen en in drie nummers de stem van David Lynch. Naast Lynch draafden ook Iggy Pop, Frank Black, Suzanne Vega, James Mercer en vele anderen op als gastzanger, mede-producer en mede-componist. Het resultaat is een samengeraapt zooitje eclectisch geheel dat kraakt, dondert, streelt en je diep in je hartje raakt. Temeer daar Sparklehorse vlak voor het verschijnen van het album besloot zich van het leven te beroven. Luister naar het titelnummer – mét Lynch - op http://www.youtube.com/watch?v=Ics3uq_810c.

En nu dan?! Een vooruitblik naar 2011
In 2011 wil ik zeker weten:
- wederom veel in de bios zitten
- meer non-fictie lezen op het gebied van geschiedenis, filosofie, religie en landen om mijn algemene kennis wat bij te spijkeren
- vaker naar musea gaan!
- minder laptophangen & meer bewegen

Maar eerst even feesten :)



December 2010

5.11.10

Mijn kleine tante

De geur van Chinees eten-van-om-de-hoek doet me denken aan mijn kleine tante. Mijn kleine tante was al kleiner dan ik vanaf dat ik een jaar of twaalf was. Zij zorgde voor mijn oma, tot mijn oma stierf. Mijn kleine tante had tot die tijd geen leven voor zichzelf, en daarna was ze alleen.

Ik ging vaak uit logeren bij mijn oma en mijn kleine tante. Ik denk dat elk kind dat twee oma’s heeft, deze ook verdeeld in een lieve-oma en een minder-lieve-oma. De moeder van mijn kleine tante was mijn lieve-oma. Zij was erg verdrietig en ziek nadat mijn moeder, haar jongste dochter, overleed. Mijn lieve-oma stierf misschien wel van verdriet.

Ook na de dood van oma logeerde ik geregeld bij mijn kleine tante. Gewoon ook om weg te zijn van huis. Als ik erheen ging met de bus, verheugde ik me op de twintig minuutjes dat ik muziek kon luisteren op m’n walkman. Misschien was dat wel de belangrijkste reden dat ik naar mijn kleine tante ging. Om de muziek in m’n oren even helemaal voor mezelf te hebben.

We gingen naar de stad, en naar de film. Dan eten bij de Mac of beter nog, bij de KFC, dat was echt een uitje toen. Mijn kleine tante praatte veel. Sommige mensen noemden dit zeuren. Ik vond het niet erg, want ik had de gelegenheid om weg te dromen. Bovendien kon ik ook terug praten tegen mijn tante; ik had het graag over de muziek die ik mooi vond en de jongens waarop ik verliefd was, en ze luisterde zonder te oordelen en met een glimlach en een nerveuzige maar liefdevolle knik van haar hoofd.

Wanneer mijn kleine tante jarig was, gingen we met het hele gezin op bezoek, met de auto. Op de tafel in de huiskamer stonden kommetjes met Japanse rijstcrackers en nootjes. We aten Chinees van om de hoek. De bakjes met eten stonden uitgestald op het aanrecht en ons gezelschap verdeelde zich over keukentafel en huiskamer-met-bord-op-schoot. Ik kan me niet meer herinneren wat mijn kleine tante voor cadeautjes van ons kreeg.

Toen ik ouder werd, werden mijn bezoekjes minder. Ik liep stage, had het druk op school en vooral met mezelf, kreeg een vriendje en ging uit huis. Ik had feestjes, liep weer stage, ging werken, daarna studeren, had nog meer feestjes en een boel innerlijke woelingen die me niet altijd toestonden om eventjes op de tram te springen en naar mijn kleine tante te reizen of om zelfs maar de telefoon te pakken en tien minuutjes met haar te babbelen.

Op een dag maakte mijn kleine tante een val in de supermarkt en brak haar heup. Altijd al kwetsbaar en nerveus van aard geweest, maar toch zelfstandig en sterk in haar eenzaamheid, knakte dit ongeluk haar. Nadat ze uit het ziekenhuis kwam, had ze hulp nodig. Ik maakte af en toe haar huis schoon, deed wat boodschapjes. Daarvoor betaalde ze mij. Ik wilde het niet, zij stond erop. Ik voelde me schuldig, maar ik was arm en kon het geld goed gebruiken. Mijn kleine tante liep met krukken door het huis en instrueerde mij terwijl ik de luxaflex poetste en de bovenkanten van haar kasten afsopte.

Mijn kleine tante kreeg een hersenbloeding. Mijn kleine tante werd hulpeloos. Lopen ging niet meer, praten nauwelijks. Ze verhuisde naar een verpleegtehuis. Haar eigen woning raakte ze kwijt. In het verpleegtehuis zat ze in een rolstoel op de zaal, alleen. Ik ging niet vaak bij haar langs. Als ik er wel was, moest ze huilen.

Rond 2000 is mijn kleine tante gestorven. Ik had haar toen al zeker een half jaar niet meer gezien.

Natuurlijk moet ik nog vaak aan mijn kleine tante denken. Ik kan haar stem nog horen in mijn hoofd, haar lachjes door de telefoon. Ik denk aan hoe klein en breekbaar ze eruit zag in haar rolstoel. Dat ik haar vaker had moeten bezoeken, en dat dat nu nooit meer kan.